Delfzijl vindt een stukje Frans verleden terug

Bij de verbouwing van een parkeerterrein in het centrum van Delfzijl stuitten bouwvakkers op de fundering van een Napoleontische kazerne. Het langgerekte gebouw uit 1799 is in de jaren zestig gesloopt omdat het op ­instorten stond. Grindhandel Lommerts bouwde er torens op, die later door een parkeerterrein zijn vervangen. Het komt als een verrassing dat de fundering van de kazerne na al die bouwactiviteit nog intact is.

Lees verder na de advertentie
Nadat Napoleon in 1813 was verslagen, diende de kazerne als huisvesting voor Nederlandse soldaten

Historicus Berry Mulder is er dolblij mee. “De kazerne heeft een bijzondere geschiedenis,’’ vertelt hij. In 1795 marcheerden de Fransen in opdracht van Napoleon Bonaparte ­Nederland binnen. Het patriottistische gemeentebestuur van Delfzijl ontving de Fransen met open armen, maar die waren bang dat de verbannen, prinsgezinde stadhouder Willem V met behulp van de Engelsen een ­inval beraamde. Ze bouwden een ­kazerne in Delfzijl, waar een deel van de Franse vloot en het leger ondergebracht kon worden. De kazerne was groot voor die tijd, er pasten ongeveer 250 soldaten in.

Nadat Napoleon in 1813 was verslagen, diende de kazerne als huisvesting voor Nederlandse soldaten. Na 1874 werd ze een tijdelijk onderkomen voor de synagoge en de jongens van de Zeevaartschool. Later zijn er huizen in gebouwd voor de armen.

image
Restanten van de kazerne. © Martin Drent, RTV-Noord

“Maar het meest bijzondere”, zegt historicus Mulder, “is dat de waterputten tijdens de Tweede Wereldoorlog door de burgerbescherming zijn omgebouwd tot schuilkelder.” Tientallen burgers konden zich er verschuilen voor de hevige bombardementen van de Duitsers.

Twee van de drie waterputten zijn nu teruggevonden. De tien meter lange schuilkelder lijkt nog intact te zijn. Maandag wordt het water uit de putten gepompt om te zien wat er van de binnenkant van de kelders is overgebleven.

Tijdens de oorlog is de kazerne door bombardementen ernstig ­beschadigd en ze is nooit in haar oude glorie hersteld. Langzaam raakte ze in verval. “Maar nu hebben we ­gelukkig een stukje van ons Franse verleden teruggevonden,” zegt Mulder. De gemeente Delfzijl laat de fundering liggen voor verder archeologisch onderzoek.

De schep in zijn hand en de groene regenlaarzen aan zijn voeten vormen een opvallend contrast met zijn geruite colbert en stropdas. Amateurarcheoloog Ab Goutbeek (80) kijkt trots uit over de uitgegraven put in een weiland bij Dalfsen. In januari wordt hier een nieuwe wijk gebouwd. Voor die tijd wordt de grond uitgekamd, op zoek naar resten van nederzettingen van duizenden jaren geleden.